Tips voor een goede overdracht


16 juni, 2022
Laatste update: 14 augustus 2025

Delen?


School-ontwikkeling is meebewegen in een veranderend onderwijs-landschap

Tips voor een goede overdracht


Na de zomervakantie wil je natuurlijk meteen goed van start met je nieuwe groep. Maar dat lukt alleen als je weet wie je voor je hebt. Zonder overdracht van de vorige leerkracht tast je in het duister. Wie heeft ondersteuning nodig? Wie bloeit juist op met wat meer uitdaging? En hoe zit het met de groepsdynamiek? Zonder die informatie loop je vertraging op en dat is zonde van je tijd en energie. In dit artikel delen we praktische tips voor een goede en betekenisvolle overdracht, zodat jij vanaf dag 1 kunt inspelen op wat jouw leerlingen nodig hebben. 
Overdracht is onmisbaar

Als (nieuwe) leerkracht wil je het beste voor je leerlingen. Daarom bied je het onderwijs zo passend mogelijk aan. Om dat goed te kunnen doen, heb je een duidelijk beeld nodig van je leerlingen. Waar staan ze? Welke aanpak werkt wel of juist niet? Natuurlijk ontdek je zelf ook veel, maar het is veel effectiever om voort te bouwen op de ervaringen van je collega’s uit voorgaande jaren. Deze inzichten vormen de basis van een goede overdracht en daarmee van jouw start met de groep. Zo hoef je het wiel niet opnieuw uit te vinden, verlies je geen kostbare tijd en bespaar je je leerlingen de nodige frustratie.  

Een goede overdracht gaat verder dan alleen jouw groep. Als team ben je samen verantwoordelijk voor de 8 jaar basisonderwijs die leerlingen doorlopen. Daarom is het belangrijk om je kennis en ervaringen met elkaar te delen. Wij noemen het kennisstapeling: jaar na jaar groeit de gezamenlijke kennis, waardoor je samen steeds beter onderwijs kunt bieden.

Er zijn verschillende manieren om informatie over te dragen van de ene leerkracht naar de andere. Je kunt de informatie ‘over de schutting gooien’, een overdracht over alleen zorgleerlingen doen of alles tot in details delen met de nieuwe leerkracht. Maar hoe zorg je dat het echt waardevol wordt? Met deze 3 tips maak je het verschil: 

1. Draag zowel kindkenmerken als basisvakken over
Een goede overdracht bestaat uit meer dan een lijstje met namen en cijfers. Het is belangrijk dat zowel de kindkenmerken als de resultaten op de basisvakken worden doorgegeven. De kindkenmerken beschrijven de gedragsmatige kant van leerlingen, vaak uitgedrukt in stimulerende en belemmerende factoren en onderwijsbehoeften. De informatie over de basisvakken - lezen, taal en reken - laten zien waar een leerling staat en welke didactische aanpak passend is. Samen geven ze een compleet beeld van de groep.
2. Geef een schriftelijke én een mondelinge overdracht
Naast schriftelijke informatie is een mondelinge of warme overdracht essentieel. In zo’n gesprek kun je context geven, nuances delen en vragen stellen. Doe dit het liefst voor de zomervakantie, wanneer alles nog vers in het geheugen ligt. Zo weet je zeker dat belangrijke informatie goed overgedragen wordt. En onthoud: een warme overdracht stopt niet bij de zomer, ook in de eerste weken van het schooljaar kun je nog bij elkaar aankloppen.
3. Bedenk van te voren wat je wilt weten

Welke informatie is voor jou het belangrijkst om te weten? Denk hier van tevoren over na en formuleer concrete vragen. Denk aan het cognitieve niveau van de groep of van specifieke leerlingen, werkvormen die goed of juist niet goed werken, de manier waarop de groep functioneert, hoe leerlingen met regels omgaan en of er thuissituaties zijn die relevant zijn. Hoe concreter de vragen, hoe bruikbaarder de antwoorden. 

In de praktijk staan de eerste schoolweken vooral in het teken van aftasten. Het duurt even voordat je de groep echt kent. Met een goede, betekenisvolle overdracht heb je echter vanaf dag één stevige handvatten, zodat je samen met je leerlingen een sterke start kunt maken. 



Geschreven door:
Cora de Raaf



Geen artikel meer missen?

Schrijf je in voor onze nieuwsbrief en blijf op de hoogte!

Inschrijven